Hoe een bedrijf financieel duurzaam kan zijn

  12 maart 2021  |    Interview

Hoe groen kun je zijn? Of beter nog: hoe groen wil je zijn? ‘Voeg daar maar gerust sociaal aan toe’. Arno Jansen (Manager MVO) laat er geen misverstand over bestaan. ‘Groen en sociaal zitten in onze genen. Er niet alleen over praten, maar vooral doen. Daarom is groene financiering de nieuwe stap die we hebben gezet in duurzaam ondernemen. SADC is een onderneming met een door en door duurzaam hart. Van daaruit werken we. Iedere dag weer.’


v.l.n.r. Arno Jansen, Yasha Schadee en Sophie Kaashoek

Olifantsgras
Yasha Schadee (coördinator duurzaamheid): ‘Neem Schiphol Trade Park. Op de delen waar we niet kunnen bouwen teelt een groep agrariërs verenigd in de Miscanthusgroep, olifantsgras. Een biobased grondstof, waar het bedrijf Biobound bestratingsmateriaal maakt dat KWS, de partij die onze circulaire aanbesteding heeft gewonnen voor het bouwrijp maken van Schiphol Trade Park, gebruikt voor de aanleg van de wegen. Kijk, de circulaire economie is in onze optiek integraal denken en doen. Daarin nemen wij dit soort initiatieven, maar verwachten ook van onze klanten dat ze er een wezenlijke bijdrage aan leveren. En het mooie is dat sommigen dat met beide handen oppakken. Een recent voorbeeld is een modebedrijf waar we niet zo lang geleden op Business Park Amsterdam Osdorp een kavel aan hebben uitgegeven. Die zijn ver gegaan in hun duurzaamheidsmaatregelen. Van het tonen van de footprint op hun prijskaartjes tot het plaatsen van zonnepanelen. Van demontabel bouwen tot aandacht voor biodiversiteit.’

‘De circulaire economie is integraal denken en doen.’

Groene financiering
‘Maar terug naar de fase hiervoor, een terrein bouwrijp maken, dat kost geld. Dat kun je financieren uit je verdiensten, maar het overgrote deel zal je moeten lenen. In het verlengde van onze principes hebben we hier onlangs ook een ‘groene stap’ in gezet. Dat voelde voor ons natuurlijk aan.’ Arno refereert aan de recente verwerving van het Green Bond Label en het Social Bond Label. ‘Zoals Yasha al zei: de circulaire economie is integraal denken en doen, waarbij we het liefst al onze samenwerkingspartners betrekken. Zo ook partijen die vanuit hun eigen duurzaamheidsdoelstellingen willen investeren in groene organisaties en projecten. Daar dienen die labels voor. Het zijn in principe keurmerken die aantonen dat je als organisatie voldoet aan alle criteria die met het oog op de uitgifte van groene en sociale obligaties zijn opgesteld door de International Capital Market Association. Met andere woorden, met deze labels op zak kunnen we ook op financieel gebied ons groene hart uitdragen en vorm geven aan onze ambities voor de circulaire economie’.

‘We hebben het hele traject uitermate grondig aangepakt.’

SADC ging aanvankelijk uitsluitend voor de verwerving van het Green Bond Label. Het Social Bond Label dat zich richt op investeringen met een maatschappelijk karakter is de kers op de taart. ‘We zijn daar eigenlijk pas later op ingesprongen, maar het past natuurlijk helemaal bij onze missie.’ Sophie Kaashoek is degene die met name bezig is geweest met de totstandkoming van wat het Sustainable Finance Framework heet. Het document waarin de groene en sociale principes van SADC beschreven staan en dat dient als overzicht voor potentiële investeerders en financiers. ‘Dit hele traject dat ongeveer een half jaar heeft geduurd, hebben we uitermate grondig aangepakt. Daarbij hebben we de support ingeroepen van STX Fixed Income, dat ons heeft geholpen met het opstellen van het framework en van Sustainalytics, dat het framework uiteindelijk heeft getoetst.’

Propositie van de regio versterken
Beide labels zijn twee jaar geldig. Daarna zal SADC weer aan de bak moeten. Arno Jansen: ‘Helemaal goed, zo behouden ze hun waarde. Wat die waarde naast de mogelijkheid om groene investeringen te verwerven voor SADC is? Het belangrijkste is dat ze ook in dit perspectief uitdrukking geven aan onze duurzaamheidsprincipes en -doelen. Natuurlijk, dat kan ons helpen bij onze groei. Maar het zijn vooral middelen waarmee we invulling kunnen geven aan het creëren van een circulaire economie. Ons inziens de manier bij uitstek om de propositie van de regio en daarmee die van Nederland te versterken. Dus hoe groen we willen zijn? Zo groen als we zijn. Zo groen als onze genen!’