Special SADC in Haarlemmeer into business

  18 juli 2017  |     Interview

In de zomereditie 2017 van  het zakenmagazine Haarlemmermeer into business verscheen een special over SADC in het kader van het dertigjarig bestaan. Hieronder de tekst van Martin Hoekstra. Download hier het volledige artikel, inclusief de interviews met zes ondernemers.

SADC bestaat dertig jaar
Circulaire economie zorgt voor betere leefkwaliteit

In 1986 stelde de Commissie Van der Zwan namens het Rijk het mainport-beleid vast. Het was de herkenning en erkenning van Mainport Rotterdam, toen nog de grootste haven ter wereld. Ook Schiphol werd beschouwd als een mainport, maar dan moest er wel hard worden ingezet op het faciliteren van groei. Aanbevolen werd om een projectontwikkelingsbedrijf op regionaal niveau op te richten, met als doel bedrijventerreinen rondom Schiphol te ontwikkelen om de bedrijvigheid die op de groei van Schiphol af zou komen, een plek te geven. In 1987 werd derhalve Schiphol Area Development Company (SADC) opgericht.


Reinoud Fleurke en Jeanet van Antwerpen

“Onze rol is het aanjagen van de economie”, stelt Reinoud Fleurke, Manager Gebiedsontwikkeling bij SADC. “Dat doen we door hoogwaardige, bereikbare en (inter)nationaal concurrerende werklocaties te ontwikkelen.” Begin jaren negentig werd Schiphol Rijk-Oude Meer al ontwikkeld. Vooral Amerikaanse en Japanse bedrijven vestigden zich hier graag, want deze regio was in die tijd een vanzelfsprekende vestigingsplaats. “Dat is nu niet meer het geval”, weet Fleurke. “Het is harder werken om internationale klanten naar deze regio te trekken. Internationaal concurreren we nu vooral met Frankfurt, Parijs, Londen en Brussel.”

Elke werklocatie heeft iets te bieden voor een specifieke bedrijfstak. “Je biedt een portefeuille aan die complementair is”, legt Fleurke uit. “Dat is vraag gericht ontwikkelen. Elke werklocatie positioneren en maken we zodanig dat die geschikt is voor specifieke bedrijven. Elk bedrijf kunnen wij in deze regio een goede plek bieden, ongeacht de sector of de achtergrond van het bedrijf.”

Bedrijventerreinen in ontwikkeling
Zo is inmiddels ook Lijnden, waar veel modebedrijven gevestigd zijn, praktisch uitontwikkeld. Momenteel worden nog zes andere bedrijventerreinen ontwikkeld: Schiphol Trade Park (hotspot voor innovatie en circulaire economie), Schiphol Logistics Park (grootschalige logistiek), Polanen-Park (regionale bedrijvigheid), De President (stijlvol ondernemen met internationale allure), Green Park Aalsmeer (logistieke ondernemers en innovators in de sierteeltsector) en Business Park Amsterdam Osdorp (stedelijke economie).

Parkmanagementverenigingen
“Op al die terreinen zetten we parkmanagementverenigingen op, waardoor je de kwaliteit op lange termijn waarborgt”, aldus Fleurke. “Dat is iets wat ons onderscheidt”, geeft Jeanet van Antwerpen, Algemeen Directeur van SADC, aan. “We zijn er niet om die economische groei eenmalig te faciliteren, we willen graag dat die ontwikkelde gebieden ook goed blijven.” Dat sluit prima aan bij de maatschappelijke doelstelling van SADC, namelijk het creëren van meer arbeidsplaatsen in deze regio.

SADC beschikt ook nog over locaties voor de toekomst. Deze terreinen worden pas in een later stadium ontwikkeld tot bedrijventerrein als er voldoende marktvraag is. Op een aantal van deze terreinen is als tijdelijk beheer de grond ter beschikking gesteld om speciale gewassen te testen. Zo wordt olifantengras en bamboe geteeld. Bamboe wordt voor diverse mogelijkheden ingezet, zoals poeder voor 3D printen, bindmiddel voor verf van Rigo Verffabriek en om bio composiet te maken voor dashboards in auto’s.

Een andere tijdelijke locatie is de Groene Hoek. Van Antwerpen: “Daar hebben we een contract afgesloten voor een zonnepark, 26 hectare zonnepanelen waarmee 4.500 huishoudens van energie kunnen worden voorzien. Dat is in oktober operationeel. Die stroom willen we laten afnemen door een datacenter campus, die we gaan ontwikkelen op Schiphol Trade Park.”

Als het gaat om de toekomst, komt Van Antwerpen met een citaat dat zij onlangs hoorde op een circulair congres in Helsinki: “De beste manier om de toekomst te voorspellen, is om er vandaag aan te werken. Daar zijn wij nu heel erg mee bezig.” In de afgelopen decennia was er sprake van een lineaire economie. Grondstoffen werden gebruikt en verbruikt. Dat heeft op allerlei plekken tot vervuiling geleid. “Wij hebben ons leefklimaat behoorlijk aangetast. Voor ons is het enorm belangrijk om economische groei te faciliteren, maar tegelijkertijd de leefkwaliteit te verbeteren. Dat kun je niet bereiken met een paar aanpassingen, je moet echt naar een ander economisch model toe.”

Circulaire economie
Dat is het circulaire model. “Als wij een gebied gaan ontwikkelen, denken we van tevoren na hoe we dat gaan doen zonder schade toe te brengen aan de omgeving”, legt Van Antwerpen uit. “We kunnen materialen gebruiken die al gerecycled zijn of een weg neerleggen die ook makkelijk weer weg te halen is. We noemen dat design for disassembly.” Bij een circulair inrichtingsplan wordt bijvoorbeeld ook gekeken naar planten die de lucht of het water maximaal zuiveren. Het is een manier van denken die op de lange termijn de leefbaarheid van de regio beter maakt. “Natuurlijk staan we nog aan het begin, maar ik geloof echt dat dit de weg is waar wij als wereld naartoe moeten.”

Fleurke voegt hieraan toe dat in Business Park Amsterdam Osdorp geïnvesteerd is in een collectief bronnensysteem. Twee bronnen bevinden zich onder het bedrijventerrein en daar zijn alle bedrijven op aangesloten. “Hierdoor is het mogelijk om dit bedrijvenpark ten minste energieneutraal te laten functioneren.”

Als Van Antwerpen de afgelopen dertig jaar vergelijkt met de komende jaren, wijst ze op een duidelijke verandering. In de beginjaren draaide het vooral om de beeldkwaliteit. Er moest een stedenbouwkundig plan gemaakt worden voor bedrijventerreinen en de gebouwen en het groen moesten aan bepaalde eisen voldoen. “In de komende jaren zullen we veel meer gaan kijken naar wat die mensen die daar werken willen. Hoe kunnen we daar een goed werkklimaat scheppen, zodat je de beste mensen aan jouw bedrijf kunt binden? Dan is het van groot belang dat er meer is dan alleen een gebouw in een functioneel ingericht gebied.“ Fleurke vult aan: “Denk aan bereikbaarheid, veiligheid en voorzieningen. Amsterdam Osdorp is daar een goed voorbeeld van. Daar is fors geïnvesteerd in een groene inpassing. Dat is een plek waar om die reden ondernemers, maar ook werknemers graag willen werken.”

www.haarlemmermeerintobusiness.nu/magazine.html

 

Jeanet van Antwerpen

Algemeen Directeur, SADC